| De namen van
de paletten zijn:
- Tools (Gereedschappen) zie les1
- Options (Opties) zie les 1
- Navigator (Navigator) zie beneden
- Info (Informatie) zie beneden
- Color (Kleur) zie les 4
- Swatches (Stalen) zie les 4
- Styles (Stijlen) zie les 5
- History (Historie) zie beneden
- Actions (Handelingen) zie beneden
- Layers (Lagen) zie les 3
- Channels (Kanalen) zie les 3
- Paths (Paden) zie les 3
- Character (Karakter) zie les 1
- Paragraph (Paragraaf) zie les 1
Ook kan er nog een zogenaamde Status Bar (Statusbalk) onderin beeld
getoond of juist verborgen worden.
Navigator
(Navigatiescherm)
Als je een nieuw document maakt zie je in je navigator pallet het gehele
document in een klein plaatje. Met de kleine scrol-bar onder dat kleine
plaatje kun je in/uit-zoomen op je document, dit kan ook gewoon met ‘ctrl’
+ ‘ + ’ en ‘ctrl’ + ‘ - ’. Als je
gebruik maakt van deze snel toetsen zul je snel merken dat je navigator
window je geheel blijft tonen en dat je navigator plaatje niet mee zal
veranderen door het zoomen. Zo kun je als je ver zit ingezoomd precies
zien waar je zit te werken. Er zal een rode rechthoek verschijnen in je
kleine plaatje. Deze rode rechthoek kun je verplaatsen door hem te verslepen,
en zo kun je zonder weer uit te zoomen op een andere plek in je plaatje
verder werken. Je kunt een overzicht houden van je werk gebied.
Info (Informatie)
In je info pallet zie je een opdeling van vier verschillende blokken.
Links boven: RGB waarden. Rechts boven: CMYK waarden. Links onder: De
locatie van je muis pointer. Rechts onder: De preciese afmeting van je
selectie.
Als je een plaatje opent en je gaat met je muis (willekeurige tool) over
het plaatje bewegen dan zul je merken dat er verschillende waarden veranderen
in je info pallet. De RGB en CMYK vakjes houden de kleuren exacte kleuren
notaties bij in nummerieke waarden. Je kan je muis boven een bepaalde
kleur houden en je ziet de bijpassende nummerieke waarde van die kleur
verschijnen in je info pallet.
Tijdens het maken van een selectie (met de marque tool M) zie je de waardes
in de rechter onderkant veranderen. Deze coordinaten geven aan hoe groot
je selectie vanaf de linker boven hoek tot de rechter onder hoek is in
pixels.
Verder zul je merken dat de muis pointer locatie ook verandert tijdens
het bewegen met je muis. Ook deze afmetingen worden in pixels aangegeven.
History (Historie,
meerdere herstel-niveau's)
In principe is de History hetzelfde als Undo (ongedaan maken) alleen dan
in veelvoud. Hoeveel undo's dat zijn kun je aangeven bij de Preferences
(Ctrl + K). Naast het feit dat je meerdere stappen terug (en eventueel
weer vooruit) kunt gaan, is het ook mogelijk om gebruik te maken van een
zogenaamde "Non-linear history". Hierbij kun je ook slechts
één stap ongedaan maken, hoewel deze instelling voor beginners
wordt afgeraden. Dit in verband met het verprutsen van het hele ontwerp!
Gewoon niet gebruiken of anders heel voorzichtig.
Een betere optie om naar een bepaalde stap in het ontwerp-proces terug
te gaan, is het gebruik van zogenaamde "Snapshots". Hierbij
wordt de huidige staat van één laag, meerdere lagen of het
hele document 'gefotografeerd' en bovenaan in de history gezet. Zo kan
men snel naar een eerder, vast punt toe springen ook al zijn er veel meer
bewerkingen geweest dan het maximum op gegeven bij de Preferences.
Actions (Handelingen)
Met actions worden in principe geautomatiseerde handelingen bedoeld, welke
gebruikt worden voor het zogenaamde "Batch Processing", meerdere
bewerkingen uitvoeren. Heel simpel gezegd moet je het Actions-palet dan
ook zien als een soort videorecorder waarmee je bepaalde bewerkingen kunt
op slaan om ze later op bijvoorbeeld een andere laag of bestand precies
hetzelfde los te laten. De interface aan de onderzijde van dat palet laat
dit ook al duidelijk zien. |